breiles
Met twee breipennen en een bolletje wol kan je veel leuke dingen maken.
Verzamel eerst wat wol! Vraag je moeder/ buurman/oma of ze nog restjes en breipennen hebben. Zij weten meestal ook welke wol bij welke pennen past. Kies wol die niet te dik of te dun is, pennen 3 of 4 zijn goed. Als er nog een wikkel om de wol zit, staat daar meestal op welke dikte breipennen je moet gebruiken. Heb je nog geen breipennen? Kijk eens in de kringloopwinkel of bij Zeeman, daar hebben ze vaak ook leuke wol.
Ben je klaar voor Mieke’s breiles? Kijk de video hieronder.
Dit filmpje is een van Mieke’s lieveling’s video’s op Youtube: Het verzamelde breiwerk van Loes Veenstra.
Als jonge moeder breide Loes (1933-2016) truitjes, borstrokjes en luierbroekjes voor haar twee dochters. Rond 1955 begon ze truien te breien. Ze kon maar moeilijk stilzitten met haar handen en bijkomend voordeel was dat ze dan minder rookte, vertelde Loes ooit. Ze breide zonder patronen, ze had niet het geduld om die te lezen: ‘De trui ontstaat terwijl ik bezig ben’.
Loes kon niet meer stoppen met breien, haar huis lag volgepakt met ca. 550 truien. In 2012 werd een vrolijke flashmob gemaakt waarin de truien voor het eerst worden gedragen. Loes zit in de video op een troon en is even koningin van haar breiwerken.
Mieke heeft je de eerste steek uitgelegd: de rechte steek.
Je kan al heel veel breien met deze ribbeltjessteek. Bijvoorbeeld een taartje:
PETIT FOURS
Koekje zet 9 steken op in de gewenste kleur. Brei 41 toeren in ribbels (= 21 ribbels). Kant af. Naai de boven- en onderkant aan elkaar. Rijg een draad door de zijkant en trek stevig aan, doe hetzelfde met de andere zijkant.
Icing kies een kleur, bijvoorbeeld roze voor framboos of wit voor slagroom. Zet 8 steken op en brei 27 toeren in ribbelsteek (= 14 ribbels). Kant af. Naai de boven- en onderkant aan elkaar. Rijg een draad door de zijkant en trek stevig aan, doe hetzelfde met de andere zijkant.
Kersje zet 14 steken op en brei 1 naald recht. Haal de draad door de steken en trek stevig aan. Er ontstaat een kersje. Je kan het kersje eventueel een klein beetje opvullen.
Naai het koekje, de icing en het kersje op elkaar. Je kan nog een kraaltje of gouddraadje met een knoopsteekje op het kersje naaien als finishing touch
Hier staan nog meer patroontjes
https://docs.google.com/document/d/1QnsBlwWOWC1j45lOEX2H4EKP3Lz1fR45gFqn1W3Wd_I/edit?usp=sharing